Header Image - TEACHER LAB

Lesontwerp via tool Learning Designer

Wat is het?

Learning designer is een gratis online tool om docenten te helpen met het ontwerpen van onderwijs- en leeractiviteiten. Deze tool is ontwikkeld aan de UCL institute of education London. Niet toevallig dezelfde instelling die de ABC-methodiek voor Blended design ontwikkeld heeft en die we ook, in een aangepaste versie, aan Howest hanteren. De tool Learning Designer kan je dan ook zien als een mogelijk vervolg op de ABC-methodiek, waarbij je op een concreter niveau je lessen vormgeeft.

Via de tool plan je de volgorde van je verschillende lesactiviteiten en denk je na over de eigenschappen van je les (inhoud, klasgrootte, leerdoelen, online/offline …). Aangezien de tool een online lesontwerp creëert is het nadien ook makkelijk om dit te delen met collega’s, aanpassingen te maken… en ondersteunt dit de integratie van leertechnologieën. De tool is, net als de ABC-methodiek Blended design, gebaseerd op de zes verschillende leeractiviteiten afkomstig uit het Conversational Framework van Laurillard. Hoe meer types leeractiviteiten je integreert in je les, op hoe meer verschillende manieren studenten concepten en vaardigheden verwerken.

Waarom belangrijk?

Het grootste voordeel van Learning Designer is dat deze tool een analyse maakt van je lesontwerp. Er wordt enerzijds een taartdiagram gemaakt waarin de verdeling van de verschillende leeractiviteiten weergegeven wordt. Anderzijds wordt een analyse van de eigenschappen van je les gecreëerd: online/offline, synchroon/ asynchroon …. Op deze manier kan je gemakkelijk reflecteren over je ontwerp en is het in één oogopslag duidelijk waar er eventueel nog aanpassingen gemaakt moeten worden. Bv. Is de verhouding tussen online en live les oké? Deze analyse is dynamisch, wat dus wil zeggen dat bij iedere verandering in je ontwerp dit ook automatisch aangepast wordt.

Deze tool houdt niet alleen rekening met de leeractiviteiten die in de klas zelf gebeuren, maar brengt de volledige leerervaring in beeld. Er is dus een overzicht van de totale leertijd die een student dient te spenderen aan een bepaalde les. De tijd waarbij de lector niet aanwezig is, wordt hier dus ook in rekening gebracht. De tool maakt een optelling van de ingevulde leertijd. Op die manier kan je nagaan of je niet te veel verwacht van je studenten.

Chart

Description automatically generated

Tot slot biedt het, zoals eerder vermeld, een mooi vervolg op de ABC-methodiek Blended design. Waar je in de ABC-methodiek eindigt met een overzichtelijk dashboard met globale leeractiviteiten en werkvormen per onderdeel van je OLOD, kan je hier nog een stuk concreter gaan. Wanneer komt welke werkvorm precies aan bod, voor welke concrete lesinhouden, hoeveel tijd zal het in beslag nemen…

Hoe doen?

Learning designer is een tool die zeer gebruiksvriendelijk is. Via deze link kan je meteen aan de slag gaan: https://www.ucl.ac.uk/learning-designer/home.php

Wil je toch meer informatie over hoe je deze tool gebruikt, bekijk dan zeker deze tutorial: https://howest.cloud.panopto.eu/Panopto/Pages/Viewer.aspx?id=8ea388a0-541d-469e-8d32-adf800e0e724

Op de website van UCL, oprichter van learning designer, vind je ook nog meer informatie en tutorials terug: https://blogs.ucl.ac.uk/ltu/projects/learning-designer-help/

Bron

https://www.ucl.ac.uk/learning-designer/

Deze blogpost werd opgesteld door Liezl Mullebrouck, student master Pedagogische wetenschappen: Onderwijs en vorming en stagiair aan onze dienst onderwijsontwikkeling.

We Teach, We Coach! Procesdifferentiatie in de bacheloropleiding IPO

De oplettende lezer herkent het misschien al, gezien de resultaten van deze Design Class al eens werd toegelicht op de interne studiedag in januari 2020, maar er zijn ook al diverse ‘spin-offs’ van We Teach, We Coach. Denk bv. aan het Teach- en Fast-traject in de bacheloropleiding MCT in het vak Basic Programming (voor meer informatie, klik hier).

Wat is het en waarom doen ze het?

‘We Teach, We Coach’ is een tweesporenbeleid op vlak van differentiatie in het eerstejaarsvak Technologie I (6 sp) van de bacheloropleiding Industrieel Productontwerpen (IPO). Het is het resultaat van een Design Class onder begeleiding van de dienst onderwijs (Stefanie & Alina). Een schematische weergave van de doorlopen stappen vind je hieronder:

Sofie De Grave en Bieke Masselis werden geconfronteerd met een erg diverse instroom van studenten uit het secundair onderwijs (zowel BSO, TSO, KSO en ASO), grote verschillen in voorkennis, zelfregulatie en studievaardigheden. De slaagcijfers van het opleidingsonderdeel waren zeker niet slecht, en Bieke en Sofie deden al heel wat inspanningen, maar ze hadden gevoel gewrongen te zitten tussen het gevoel ‘meer te kunnen doen’ voor hun studenten, en de realiteit van de beperkte lestijd. Ze wilden tot een win-win kunnen komen voor iedereen, namelijk:

  • De slaagkansen (en score) van alle studenten moeten zo hoog mogelijk zijn (ook de goeie studenten laten excelleren)
  • Studenten met voorkennis moeten deze beter kunnen benutten
  • Studenten die graag zelfstandig aan de slag gaan kunnen dat
  • Studenten die het moeilijker hebben (omwille van voorkennis, gebrek aan zelfregulering, …) komen in kleinere groep terecht.

Tijdens de analysefase werd de context van het OLOD grondig in kaart gebracht, evenals de beginsituatie van de studenten. Verschillende mogelijke scenario’s op vlak van differentiatie werden vergeleken. A.d.h.v. het kantelenmodel werden alle leeractiviteiten en instructiemomenten voor de (n)CU* (contact- en niet-contacturen) in kaart gebracht, en dit zowel voor de theorie- en labo-onderdelen.
*COL-uren bestonden toen nog niet. 🙂

We Teach, We Coach

Uiteindelijk beslisten Sofie en Bieke om in het vak Technologie te gaan differentiëren op vlak van proces (= in de leeractiviteiten van de studenten, m.n. de werkvormen), wat resulteerde in de twee trajecten: We Teach en We Coach. In het theoriegedeelte wordt aan divergente differentiatie gedaan (in We Teach gebeurt dit via een hoorcollege, studenten van We Coach verwerven de theorie via zelfstudie). In de werksessies die daarop volgen, wordt convergent gedifferentieerd: studenten gaan, na het doorlopen van de zelftest, in heterogeen samengestelde groepen (1 student uit We Coach, 2 studenten uit We Teach) oefeningen maken.

Een schematisch overzicht van beide trajecten:

Determinatietabel: de juiste student matchen aan het juiste traject

Dan rest er uiteindelijk nog de juiste studenten het juiste traject te laten volgen. Om studenten aan het correcte traject te matchen, ontwikkelden Sofie en Bieke een soort zelftest die functioneert als determinatietabel: We Coach (A of B) of We Teach (C, D, E).

De opgenomen criteria zijn een resultaat van grondige analyse van de beginsituatie, die resulteerden in succesfactoren die relevant zijn voor het volgen van een van beide trajecten. Sofie en Bieke analyseerden hiervoor de slaagcijfers, de vooropleiding van studenten en bevroegen ook de studenten die het vak Technologie in de oude stijl hadden gevolgd. Ze lieten hen ook de determinatietabel invullen. Een derde van de studenten gaf daarbij aan waarschijnlijk We Coach gevolgd te willen hebben. Sofie en Bieke mikten dan bij de invoering van het traject op dergelijk aandeel van studenten in We Coach.

Bij de start van het opleidingsonderdeel vult elke student de determinatietabel in. Daaruit vloeit dan een advies voor We Coach of We Teach. De resultaten zijn adviserend; studenten kiezen zelf welk traject ze zullen volgen. Ze kunnen gedurende de looptijd van het OLOD ook nog wisselen van traject.

Sofie en Bieke bouwden ook diverse tussentijdse evaluatiemomenten (zowel formatief als summatief) in zodat ze studenten op tijd kunnen bijsturen waar nodig.

Evaluatie van We Coach, We Teach

Sinds de invoering van We Teach en We Coach merk ik een andere vibe in de klas. De studenten zijn enthousiaster, gemotiveerder. (Sofie)

Wat waren nu de resultaten van de invoering van deze trajecten? Hieronder een overzicht:

  • Het is een van de mogelijke verklaringen voor het hoger slaagcijfer binnen het opleidingsonderdeel
  • Zoals gehoopt, kiest inderdaad 30% van de instromende studenten voor We Coach.
  • Sommige studenten kiezen doorheen de looptijd van het opleidingsonderdeel voor een combinatie van beide trajecten.
  • De online filmpjes die werden gemaakt voor We Coach, worden ook bekeken door de We Teach-ers.
  • De lectoren geven aan dat er sinds de invoering van beide trajecten een specifieke vibe in het leslokaal hangt. De studenten zijn gemotiveerder, ze hebben respect voor elkaars verschillen in voorkennis en zien hiervan de meerwaarde in, enz.
  • Omwille van het succes, zal deze aanpak ook doorgetrokken worden in het opleidingsonderdeel Technologie II.

Andere relevante blogposts?

Design Class aan Howest
Wat is differentiatie?
Drie, twee, één, differentiëren!

Meer weten?

Neem contact op met stefanie.sercu@howest.be

Gespreksvaardigheidstraining optimaliseren

Lessons learned uit Design class en PWO SPACE, Toegepaste psychologie

Binnen de opleiding Toegepaste Psychologie is het cruciaal dat studenten uitblinken in gespreksvaardigheden, gezien de psychologisch consulent vooral via het gesprek gedrag zal onderzoeken en beïnvloeden. In het PWO project “SPACE” (*)namen Elia Wyverkens en Mathew Maginet deze gespreksvaardigheidstraining onder de loep en trachtten ze deze te optimaliseren door o.a. het inzetten van nieuwe technologie. Het project was tweeledig, enerzijds werd getracht een virtuele cliënt te ontwerpen door het inzetten van kennis over chatbots en conversational artificial intelligence (AI). Anderzijds werd de leeromgeving herontworpen door o.a. het opzetten van digitale leerpaden.

Het herontwerpen van de gespreksvaardigheidstraining gebeurde in samenwerking met de dienst onderwijs a.d.h.v. een Design Class. Gedurende academiejaar 2020-2021 werd de nieuwe leeromgeving voor het eerst uitgetest met eerstejaarsstudenten TP en werd feedback van studenten over de werkwijze verzameld.  

In deze blogpost delen Elia en Mathew graag met jullie vijf lessons learned van dit traject. Collega’s die geïnteresseerd zijn in studiemateriaal voor gespreksvaardigheidstraining, kunnen contact met hen opnemen.

* Onderzoeksproject PWO SPACE loopt van december 2018 tot augustus 2021 en stelt tot doel om gespreksvaardigheidstraining te optimaliseren. Dit project wordt geleid door de opleiding TP, in samenwerking met de opleiding DAE.

Lessons learned:

TIP 1: Bouw stelselmatig op

Uit literatuuronderzoek bleek reeds de effectiviteit van de cumulatieve microtrainingsmethode (CMT) in het aanleren van gespreksvaardigheden (Adema, 2002). Dit houdt in dat men begint met het leren van één vaardigheid, en in elke volgende oefenronde een vaardigheid wordt toegevoegd. Deze opbouw werd dan ook toegepast in de training; met grosso modo volgende structuur: (1) herhaling, (2) videovoorbeeld met nabespreking, (3) theorie met individuele verwerkingsoefening, (4) rollenspel en nabespreking, (5) formuleren leerdoelen of evalueren aan de hand van rubrieken.

Student: “Goed dat je in het begin stap voor stap iets nieuws leert elke les en dat je elke week kan oefenen”

TIP 2: Laat studenten het leren in eigen handen nemen.

In de vernieuwde leeromgeving werden leerpaden ontwikkeld die studenten zelfstandig konden doorlopen om zich de theorie eigen te maken. Dit maakte het mogelijk om op eigen tempo te leren of te herhalen. Studenten die merkten dat ze bepaalde technieken nog niet goed beheersten, konden de leerpaden opnieuw doorlopen en hier werd dan ook naar verwezen door de lector. Op die manier was ook differentiatie beter mogelijk, bij een erg heterogene groep eerstejaarsstudenten.

Student: “Goed om een houvast te hebben mocht je eens iets niet meer goed weten of niet zo goed begrijpen. Ook handig indien je wat fouten hebt gemaakt tijdens het oefenen om terug te kijken naar wat er precies bedoelt wordt met bv empathisch gissen “

Student: “De leerpaden maken het iets makkelijker om stap voor stap alles zelfstandig te verwerken.”

Student: “Ik vind het heel handige opdrachten zo kan je jezelf eens bezig zien en weten wat je sterktes en zwaktes zijn, waardoor je eraan kan werken.“

TIP 3: Geef studenten zicht op hun eigen en elkaars groeiproces.

Door middel van self-assessment en peer-assessment werden studenten van meet af aan betrokken in het evalueren van gespreksvaardigheden volgens rubrieken die we stelselmatig opbouwden. Dit zorgde ervoor dat studenten beter zicht kregen op hun eigen groeiproces. Daarnaast zagen de lectoren ook dat de studenten betrokkenheid voelden in elkaars groeiproces, mogelijks versterkt door de Coronatijden, waarin de behoefte aan verbondenheid groot was.

Student: “ik vind onze oefeningen goed. We krijgen echt de kans om onszelf te verbeteren. We kunnen veel vragen stellen en iedereen respecteert elkaar. Iedereen helpt elkaar.”

Student: “Ik vind het heel leuk om te evolueren hierin en anderen te zien evolueren.

TIP 4: Bied een veilig labo aan.

De “SPACE” die Elia en Mathew voor ogen hadden met dit project staat symbool voor het aanbieden van ruimte om te oefenen, te proberen, te falen en zich te verbeteren. De sleutel hiertoe is het aan de lijve doen, ondervinden en bijsturen (cfr. “I hear and I forget, I see and I remember, I do and I understand”). In de training is het bewaken van de oefentijd erg belangrijk en we kozen er ook voor om een voldoende lang traject aan te bieden, zodat er de mogelijkheid is voor studenten om te blijven groeien.

Student: “Ik vind de werkcollege super! Je leert sneller en beter wanneer we het in de praktijk doen. Het geeft ons (in mijn ogen) meer zelfvertrouwen en we zijn minder bang om fouten te maken want we leren er direct uit.”

Student: “Ik vind het leuk dat we voldoende tijd krijgen om de gespreksvaardigheden in te oefenen. Het is een soort ‘labo’. We hebben tijd en ruimte om onze technieken te kunnen uitoefenen en verbeteren.

TIP 5: Focus op nut en authenticiteit.

Studenten gaven heel duidelijk aan dat ze ervaarden hoe essentieel dit onderdeel is in hun opleiding, wat bijdroeg aan hun motivatie. Door te werken met realiteitsgetrouwe casussen, konden de lectoren ook de authenticiteit zoveel mogelijk benaderen. De lectoren gaven voorbeelden van echte therapeutische gesprekken, waardoor het duidelijker was welk eindresultaat ze met de opleiding voor ogen hebben.

Student: “Bij dit onderdeel heb ik echt het gevoel dat ik opgeleid word als psychologisch consulent.”

Student: “Ik vind dit zeer nuttige lessen. Het is leuk om al eens te proeven van het aangaan van gesprekken als psychologisch consulent.”

Student: “Ik vind de huisopdrachten wel zinvol en dat zorgt ervoor dat ik gemotiveerder ben om deze tot een goed eind te brengen.“

Meer weten?

Wil je meer te weten komen over PWO Space, de leeromgeving op Leho, ons studiemateriaal, de virtuele cliënt, neem dan contact op met Elia Wyverkens (TP) of Mathew Maginet (TP) via: elia.wyverkens@howest.be; <Mathew.Maginet@howest.be>

Gebruikerstips Wooclap

NIEUW: “Gebruikerstip 4: Samenwerken aan een event” is achteraf nog toegevoegd. Het is een nieuwe verbeterde functie als aanvulling op het reeds bestaande “event delen” dat werd toegelicht in tip 3.

Eerder publiceerden we deze blogpost waarin we jullie aan de hand van enkele concrete tutorials lieten kennismaken met Wooclap. Wooclap is een online stemtool om jouw lessen of events interactiever te maken. Bekijk zeker deze eerdere blogpost eerst indien je Wooclap nog niet zou kennen.

Hieronder volgen drie concrete gebruikerstips om je Wooclap-ervaring nog verder te verbeteren.

1: Antwoorden met afbeeldingen

Soms kan het nuttiger/efficiënter zijn om studenten te laten antwoorden met een afbeelding. Denk maar aan een foto die ze nemen van hun schets, wiskundige bewerking, brainstorm… Of het kan een leuke afwisseling zijn om de studenten op een andere manier te laten antwoorden. Bvb. geef een voorbeeld van een stereotype, geef een voorbeeld van een participatiedrempel…

Via de vraagtypes ‘open vraag’ en ‘woordwolk’ kan je via de instellingen van de vraag beelden toelaten.

De studenten krijgen vervolgens de optie om niet enkel een antwoord te typen, maar ook om een foto te verzenden door op het fototoestelletje te klikken. Wanneer ze dit op een pc doen, openen hun bestanden. Ze dienen dus eerst de foto in hun bestanden te hebben opgeslagen. Wanneer ze dit op hun smartphone doen, kunnen ze er ook voor kiezen om rechtstreeks een foto te maken. Afhankelijk van het doel van je vraag, is aan te raden om studenten met hun smartphone te laten werken.

2: Vergelijk de resultaten in real time

Vergelijken binnen één event

Soms is het interessant om een zelfde vraag die je aan het begin van je les stelde te herhalen aan het einde van je les en de resultaten met elkaar te vergelijken. Dit kan met volgende vraagtypes: Multiple choice, open vraag/woordenwolk met correct antwoord, vind een nummer en beoordeling.

Hiervoor doorloop je volgende stappen:

1: Dupliceer de vraag die je wilt vergelijken. Op deze manier zijn de vragen gekoppeld aan elkaar.

2: Als je in presentatiemodus bij de tweede vraag (gedupliceerde vraag) aankomt zal er een extra knop verschijnen: “vergelijking”. Klik hier op om de vergelijking met de vorige vraag te maken.

Vergelijken tussen twee events

Misschien vind je het wel interessant om twee events in real time met elkaar te vergelijken. Bijvoorbeeld twee verschillende klasgroepen of de resultaten van de studenten van dit jaar te vergelijken met deze van vorig jaar. Het extra competitie-elementje dat je zo toevoegt, kan voor extra betrokkenheid bij je studenten zorgen.

(noot: Weet dat je competitie binnen een event ook eenvoudig kan toevoegen, door de wedstrijdmodus in te schakelen (zie tutorial 1 in vorige blogpost))

1: Klik op de drie bolletjes naast een event en klik op ‘vergelijken’. Je event wordt vervolgens gedupliceerd en gekoppeld aan het origineel.

2: Wanneer je de resultaten in real time toont in het gedupliceerde event zal je de extra knop ‘vergelijking’ zien. Door hierop te klikken, vergelijk je de resultaten van beide sessies.

3: Een event delen met een collega

Wil je een event delen met een collega, dan ga je naar de ‘eventinstellingen’.

Zet vervolgens de schakelaar aan bij “Deel dit evenement…”. De code die je moet delen met je collega staat daar afgebeeld.

Je collega kan vervolgens je event importeren door in zijn eigen Wooclap te klikken op ‘importeer evenement’. Hij of zij geeft de code in die je eerder gaf.

Enkele aandachtspunten hierbij zijn:

1: De code is dezelfde als de deelnamecode. Studenten zouden hier eventueel misbruik van kunnen maken door zelf aanpassingen door te voeren in jouw event. Om dit vermijden, schakel je best de optie “Deel dit evenement…” enkel in op het moment dat je collega het importeert. Nadien schakel je de optie weer uit.

2: Spreek goed af met je collega wat hij of zij met jouw event mag doen. Mag hij/zij resultaten resetten, resultaten laten aanvullen met de resultaten van zijn/haar studenten? Of is het de bedoeling dat hij jouw event dupliceert en verder gaat in zijn eigen event? Heb je schrik om je resultaten te verliezen, dan kan het een goed idee zijn om zelf enkel een duplicaat van je event te delen en niet het origineel.

4: Samenwerken aan een event

= NIEUWE FUNCTIE sinds oktober 2021!

Bovenstaande tip om een event te delen met een collega was eerder omslachtig en hield enkele risico’s in. Ondertussen is er een nieuwe functie bijgekomen waarmee je eenvoudig met een collega kan werken aan éénzelfde event.

Je gaat eveneens naar de instellingen van je event en klikt op meer instellingen. Er is nu een nieuw veld bijgekomen, met name “Medewerker”. Door te klikken op “Medewerker toevoegen” en vervolgens het mailadres in te vullen, kun je voortaan eenvoudig samenwerken aan hetzelfde event.

Heb je zelf een interessante gebruikerstip die je wenst te delen?

Neem contact op met elke.ruys@howest.be

Bronnen

  • Eigen ervaringen met Wooclap.
  • Uitwisseling van Wooclap-ervaringen met Dieter Cortvriendt (Arteveldehogeschool Gent) en Jan Velghe (UGent).

Andere relevante blogposts

Wooclap, een veelzijdige online stemtool voor live sessies

Online brainstorm met Miro

Ook wanneer we online lesgeven willen we de interactie met onze studenten optimaal laten verlopen. Een goede brainstorm met de studenten lijkt online echter moeilijk te organiseren. LIJKT, want mits het gebruik van een goede tool is ook dit goed haalbaar. Ook voor online overleggen met collega’s kan dit zeer nuttig zijn. In deze blogpost laten we je kennismaken met Miro.

Waarom Miro?

Miro is een online whiteboard voor samenwerking. Uiteraard is het niet de enige tool in zijn soort. Andere zeer gekende tools zijn bijvoorbeeld Mural, Microsoft Whiteboard en Padlet. Deze blogpost wil geen uitgebreide vergelijking maken tussen deze vier tools. We focussen meteen op Miro om volgende redenen: (1) de tool heeft veel mogelijkheden om diverse soorten brainstorms te organiseren, (2) de tool is volledig gratis voor onderwijsinstellingen en (3) de tool is het meest gekend bij de auteur van deze blogpost ;).

Wil je toch graag meer weten over het verschil met andere brainstorm boards? Dan zetten volgende linken jou zeker op weg:

Wat kan je doen met Miro?

Zelf heb ik de tool leren kennen via de Howest Strategiedag van februari 2021. Miro werd er ingezet om in kleine groepen ideeën samen te brengen, te selecteren en te komen tot gemeenschappelijke conclusies. De tool heeft heel wat mogelijkheden. Je kan werken met online post-its, mindmaps, mensen laten stemmen op ideeën, SWOT-analyses… Je krijgt een oneindig canvas dat je zelf en met anderen vorm kan geven. Je hoeft hierbij niet van 0 te beginnen, maar kan gebruik maken van één van de vele kant en klare sjablonen (de templates). Miro kan je ook integreren binnen je Teams-omgeving.

Voorbeeld van een Miro mindmap:

10 gratis whiteboard-tools voor online vergaderen & brainstormen -  Frankwatching
Bekkema, S. (2020). [Miro mindmap]. https://www.frankwatching.com/archive/2020/04/01/whiteboard-tools-gratis-online-brainstorm/

Hoe werkt het?

Eén nadeel wel: door de vele mogelijkheden is het ook iets minder intuïtief in gebruik. Vooraleer hiermee aan de slag te gaan, bekijk je best enkele tutorials en experimenteer je er zelf even mee. Hierdoor zal je minstens het basisgebruik van Miro snel onder de knie hebben. De tutorial “Getting started with Miro” zet je op weg.

Nog een kleine extra tip: Vind je het storend om steeds de bewegende cursors van de andere deelnemers te zien? Dit schakel je eenvoudig uit door te klikken op het pijltje links van je initialen in de rechter bovenhoek.

Hoe een gratis account aanmaken?

Om gratis van alle opties van deze tool gebruik te kunnen maken dien je je te registreren voor een education account. Dit kan via deze link.

Bronnen

Andere relevante blogposts

Maak een mindmap.

3, 2, 1, Differentiëren!

1) Differentiëren, hoe begin ik er nu eigenlijk aan?

Voor je start met differentiëren, breng je best de competenties van de studentengroep waaraan je lesgeeft, ofwel de beginsituatie, in kaart.

Ten eerste zijn de onderwijskenmerken een cruciaal onderdeel van de beginsituatie.

Denk hierbij aan jouw eigen persoonlijkheid als lesgever: welk type lesgever ben je of wil je zijn? Wat zijn/waren jouw eigen leervoorkeuren? Met welke motivatie sta je voor de klas en wat zijn de hogere doelen die je wenst te bereiken met jouw studenten?

Onderwijskenmerken gaan ook breder: welke lokalen en didactisch materiaal heb je ter beschikking, welk leerklimaat en welke visie heerst er binnen de opleiding en de onderwijsinstelling waarin je werkt?

Neem even de tijd om deze vragen voor jezelf te beantwoorden.

Daarnaast breng je, vooraleer je gaat differentiëren, best de kenmerken van de studentengroep waaraan je lesgeeft, ofwel de beginsituatie, in kaart. Dit doe je niet enkel bij de start van jouw OLOD, maar best bij het begin van elke les.

Volgens Struyven et al. (2015) zijn er vier studentenkenmerken die relevant zijn binnen de leercontext van studenten: (1) competenties, (2) interesses, (3) leervoorkeuren en leertempo en (4) achtergrondkenmerken. Voor meer informatie, zie de tabel hieronder. Inzicht in deze aspecten geeft jou een indicatie waar je moet beginnen, en kan studenten inzicht geven waar ze zich bevinden en waar ze naartoe moeten.

Competenties Interesses
Cognitieve: vaardigheden om intelligentie optimaal te benutten (info opslaan, verwerken, verbinden, problemen oplossen)

Metacognitieve
: kennis over het eigen leren

Sociaal-affectieve: de motivatie, het omgaan met anderen, omgaan met gevoelens

(Psycho-)motorische
: fysieke vaardigheden, zowel grove als fijne motoriek
Interesses, passies, huidige trends die leven bij de studentengroep waaraan je lesgeeft.
Leervoorkeuren en leertempo Achtergrondkenmerken
De manier waarop studenten graag en/of goed leren (’s ochtends of ’s avonds, alleen of samen, op papier of digitaal, al doende of al luisterend, visuele schema’s of samenvattingen in woorden, van detail > overzicht of van overzicht > detail, enz.)

Leertempo: snelheid waarmee wordt geleerd
Grootste kracht = variatie in didactische aanpak.
Waar je d.m.v. onderwijs niets of weinig kunt aan veranderen (bv. afkomst, cultuur, thuistaal, socio-economische achtergrond).

Let wel: wanneer je als lector differentieert, speel je niet altijd in op één bepaalde categorie van studentenkenmerken, maar dikwijls op verschillende differentiatievragen tegelijk.

Maar niet enkel de individuele beginsituatie van een student maar ook de samenstelling van de klasgroep is hierbij belangrijk. Je moet weten hoe groot de verschillen tussen de studenten zijn om je didactiek daarop af te stemmen. Ga ook na welk affectief klimaat er heerst in de studentengroep: een positief leefklimaat bevordert het leren.

Wat is differentiatie?

Onze studentenpopulatie kent een grote diversiteit: studenten verschillen van elkaar in interesses, talenten, voorkennis, culturele achtergrond, denkvaardigheden, zelfredzaamheid, sociale omgang, affectieve vaardigheden, enz. Dat maakt het leerproces uniek voor elke student, maar maakt het voor jou als lector soms een pittige uitdaging om les te geven.

Volgens het model van Struyven et al. (2019) onderscheiden we volgende soorten differentiatie:

  • Externe differentiatie: differentiatie op het niveau van de onderwijsinstelling en/of opleiding(en). Hierbij komt extra onderwijskundige en praktische organisatie bij kijken (bv. aangepaste roostering, aangepaste begeleiding en evaluatie, begeleidingsdocumenten, etc.). Dergelijke vormen van differentiatie worden dus best ruim op voorhand voorbereid, in samenspraak met de opleidingsdirecteur en de dienst onderwijs. Bv. een honoursprogramma waarbij een project in samenwerking met het werkveld een of meerdere OLODs vervangt (bv. honoursprogramma in Hangar K met de opleidingen Devine, IPO en DAE).
  • Interne differentiatie: differentiatie op lesniveau door als lector proactief in te spelen op verschillen tussen studenten.
    • Inhoud: in de doelstellingen;
    • Proces: binnen de aspecten van een krachtige leeromgeving: de leerinhouden, didactische werkvormen, media/onderwijsleermiddelen, groeperingsvormen en/of opvoedingsrelatie;
    • Product: op vlak van evaluatie.

Binnen deze drie aspecten kun je gaan differentiëren op vlak van niveau (verschillen in cognitieve vaardigheden: bv. intelligentie, metacognitieve vaardigheden, leervoorkeuren), tempo (verschillen in de snelheid van verwerving en/of verwerking van leerstof) en interesses.

Interne differentiatie is dus gerelateerd aan elk onderdeel van het didactisch model van De Corte (Standaert, 2012): de beginsituatie, doelstellingen, onderwijsleeromgeving (didactische werkvormen, opvoedingsrelatie, leerinhouden, media) en evaluatie.

Hoe presenteer je online?

Je studenten moeten binnenkort een online presentatie geven van hun bachelorproef of andere opdracht? Je bent zelf nog zoekend naar een goede manier om je lessen online te geven of je project voor te stellen aan externen? Dan is de gids “Hoe presenteer je online?” van The Floor is Yours zeker een aanrader!

De gids is zowel beschikbaar in het Nederlands als in het Engels en biedt concrete tips rond uiteenlopende topics. Ze staan geordend in volgende thema’s:

  • Drie gouden regels voor elke online presentatie
  • De inhoud van je presentatie
  • Hoe maak je het boeiend?
  • Ga in interactie met je publiek
  • Je lichaam en stem
  • Slides: wat moet anders?
  • Welke video conferencing tool gebruik je best?
  • De techniek: webcam en geluid
  • Hoe bereid ik me best voor?

Liever een filmpje? Dan zijn de webinars interessant voor je.

Online presentaties – Deel 2 (6 mei 2020)

Online presentaties – Deel 1 (22 april 2020)

Andere relevante blogtips?

Leer je studenten stapsgewijs presenteren.

Live les geven op afstand.

Bron

Online presenteren: zo doe je het. (n.d.). The floor is yours. https://thefloorisyours.be/online/

Online lesgeven: samenvattende tips

Op dinsdag 21/04/2020 volgden we een webinar van EADTU. Eén van de sprekers Christian Dalsgaard van Aarhus University Denenmarken, gaf hierin een interessant overzicht aan concrete en op korte termijn haalbare tips voor online lesgeven.

Sommige tips zullen jullie herkennen en/of reeds toepassen. Andere geven mogelijks extra inspiratie. Alleszins vormen de tips een handig overzicht om eens ter hand te nemen. Hieronder de samenvatting.

Quick tips on online teaching

Vermijd om je gebruikelijke lessen onaangepast te geven via online lessen (of webinars). M.a.w. als je gewoonlijk een les geeft van 2u waarin je vooral zelf aan het woord bent, vervang dit dan niet door een 2u durende webinar.

Bij het geven van de tips wordt een onderscheid gemaakt tussen synchrone en asynchrone leeractiviteiten. Bij synchroon leren is er directe interactie tussen studenten en docent (bvb. webinar, chat). Bij asynchrone leren ontbreekt deze directe interactie. Je dient langer te wachten op een antwoord en het leren gebeurt meer op eigen tempo (bvb. opdracht, discussiegroep). Beiden zijn belangrijk en dienen evenwichtig op elkaar afgestemd te worden.

Tips synchrone leeractiviteiten :

  1. Kies voor korte gestructureerde sessies: beter meerdere korte dan één lange.
  2. Gebruik quizzes, polls of andere vormen om interactie te creëren.
  3. Splits de groep op in kleinere subgroepen (aparte sessies of break-out rooms in één sessie)
  4. Duid groepsvertegenwoordigers aan, die het antwoord van de groep delen met de docent.
  5. Gebruik synchrone lessen vooral voor dialoog/discussie, feedback/begeleiding, studentenpresentaties of Q&A-sessies. En minder voor lessen met veel nieuwe kennisoverdracht.

Tips asynchrone leeractiviteiten:

  1. Betrek studenten door hun schrijf-, presentatie-, …opdrachten te geven.
  2. Geef hierbij ook groepsopdrachten zodat studenten in interactie moeten gaan met elkaar.
  3. Plan tijd in voor (tussentijdse) feedback en/of peer-feedback op de opdrachten.
  4. Zet een discussiegroep open waarin studenten aan elkaar en de docent vragen kunnen stellen. In een synchrone sessie kan je hierop verder bouwen.

Voorbeelden van lesopbouw:

Ter inspiratie volgen hieronder nog enkele voorbeeldstructuren voor het organiseren van je leeractiviteiten. Algemene tip is om telkens voldoende tijd te voorzien voor zowel de studenten om het nodige te verwerken en in te dienen, als voor je zelf (of studenten) om feedback te geven. Uiteraard helpt ook het kanteelmodel om na te denken over je lesopbouw.

Voorbeeld 1: Opdracht met discussie via webinar.

Voorbeeld 2: Studentenopdrachten gevolgd door online discussiegroep.

Voorbeeld 3: Opdracht en webinar met studentenpresentaties

Voorbeeld 4: Opdracht met tussentijdse feedback (essentieel voor opdrachten die meetellen voor de eindscore)

Wil je zelf de webinar van EADTU bekijken? Dat kan via deze link.

Waarom Corona-lesgeven/leren niet hetzelfde is als blended of online leren.

Kunnen we deze episode omschrijven als één groot experiment waarbij we de effectiviteit van afstandsleren in kaart kunnen brengen? Neen, eigenlijk niet. Sowieso gaan we hieruit veel leren, we leren de tools kennen, we leren onszelf kennen (welke aspecten van het lesgeven missen we echt) en misschien dat dit een impact heeft op onze ‘reguliere’ aanpak éénmaal de curve opnieuw slaapt.

Maar dit is geen blended leren of afstandsleren, dit is emergency-teaching. En dat verschilt op een aantal punten. Dit artikel beargumenteert wat de essentiële verschillen zijn, verschillen die er toe doen, verschillen die maken dat we nadien geen ‘oordeel’ kunnen vellen over de effectiviteit van de gevoerde interventies in post-corona tijden.

Dit artikel belicht waarom deze vorm van emergency-teaching fundamenteel verschilt van online of blended programma’s. We herhalen dit artikel natuurlijk niet maar lichten er een paar opmerkelijke verschillen uit.

– Het ontwerpen van een blended of online cursus kost gemiddeld 6 tot 9 maanden om dit startklaar te krijgen, bovendien kost het één iteratie voor een docent om zich hierin comfortabel te voelen. Dit staat in schril contrast tot de voorbereidingstijd die we nu hebben gekregen.

– Blended leren blijkt effectief te zijn maar impliceert doordacht ontwerp- en ontwikkelwerk op programmaniveau en op cursusniveau. Dit artikel verwijst naar 9 (!) dimensies waarop gevarieerd kan worden afhankelijk van de voorkennis, leeftijd, maturiteit van de studenten. Zo is live instructie niet te verkiezen voor de volwassen student met een zekere maturiteit terwijl dit wel een structuur kan bieden voor de ‘jongere’ student die nog leercompetenties moet verwerven.

– De context van ‘social distancing’ is er niet alleen voor het leren maar voor alle aspecten van ons samenleven. Dit kan leiden tot de verkeerde conclusie dat afstandsleren teveel eenzaamheid betekent.

– Online of blended programma’s hebben naast het ‘inhoudelijke’ luik ook aandacht voor de andere facetten van het studeren i.c., bibliotheken, studentenbegeleiding, community-building e.d. In emergency teaching gaat het vooral over het overbruggen van de korte periode zonder teveel achterstand op te lopen.

Om deze reden werd de categorie ‘Afstandsleren_CORONA’ ingevoerd, om een onderscheid te maken met blended en afstandsleren. In deze categorie vind je alleen tips die je snel kan toepassen om je emergency-teaching vorm te geven. Ze komen uiteraard uit inzichten m.b.t. afstandsleren en blended leren maar het zijn eerder losse elementen waaruit je kan shoppen.

Interesse in hoe je Emergency-teaching of Corona-lesgeven kan vormgeven? Bekijk dan zeker ook de opname op deze blog