Header Image - TEACHER LAB

Feedup, feedback en feedforward bij evaluaties: Praktijkvoorbeeld

Deze post brengt onderwijs, studentenbegeleiding en taalbeleid samen in een lessenpakket of module. De case hieronder komt uit het vak Belgische politiek van de opleiding Journalistiek en focust op feedup (Waar moet studenten heen?), feedback (Hoe doen studenten het?) en feedforward (Wat zijn de volgende stappen die studenten kunnen zetten?). Het doel is dat studenten steeds succesvoller worden in hun studie.

Situatie

Tijdens de decembermaand maken de studenten Journalistiek van het eerste jaar een deelexamen Belgische Politiek dat voor een miniem percentage meetelt. De docent die het vak begeleidt, bereidt hen daar inhoudelijk op voor en geeft hun ook studeertips mee.

Van de studentenbegeleider van de opleiding krijgen de studenten een infosessie over Hoe studeren in het hoger onderwijs? Tijdens die sessie wordt ook verwezen naar het examen Belgische politiek als voorbeeld. 

Na het examen bespreekt de docent het inhoudelijk met de studenten. Op het rooster is in die week een sessie met de eerstejaars ingepland die tegelijk terugblikt op het deelexamen en vooruitkijkt op de nakende examenperiode.

De studentenbegeleider vraagt de eerstejaars om hun handboek Belgische politiek mee te brengen naar de sessie. De studenten hebben daarnaast de PowerPoints en hun notities bij zich over de lessen Belgische politiek. Ook hebben studentenbegeleider en vakdocent een gesprek over hoe het examen dit jaar is verlopen met deze groep studenten en geeft de vakdocent de resultaten door voor de sessie start.

Feedup

Voor het vak Belgische politiek kregen de studenten al uitvoerig uitleg over wat er van hen verwacht werd: Wat is het doel van het vak? Wat levert het de studenten op? Op welke manier sluit de leerinhoud aan bij de doelen van de opleiding Journalistiek? Hoe moeten de studenten de leerinhoud aanpakken? Welke onderdelen zijn extra belangrijk? Waar kunnen de studenten extra info vinden over de leerstof? Welke strategieën kunnen ze inzetten? Enzovoort.

Feedback

De studenten hebben de kans om het deelexamen te doen. Het telt mee voor een klein percentage (5%). Niet alle studenten nemen dit even serieus: sommigen studeren ervoor, anderen willen enkel zien hoe de vraagstelling verloopt. Met de docent is er een inhoudelijke bespreking van het examen waarbij elke vraag zorgvuldig wordt overlopen.

Tijdens de sessie van de studentenbegeleider is het de bedoeling dat de studenten reflecteren over hoe ze zich hebben voorbereid op het examen (vooraf) en over hoe ze het er tijdens het examen vanaf gebracht hebben, Hoe hebben ze dus op de vragen geantwoord? Te kort? Te lang bij open vragen bijvoorbeeld? Ongestructureerd? Welke woorden uit de cursus al dan niet gebruikt? Hebben ze de vragen goed gelezen en begrepen? Enzovoort.

Het geheel wordt dus doorspekt met tips aan de hand van voorbeelden uit het deelexamen, zowel van de studentenbegeleider als van medestudenten. Wie het examen goed heeft doorstaan, kan immers succeservaringen delen. Wie het er minder goed vanaf bracht, kan raad vragen of vertellen over wat minder goed is gelopen.

Feedforward

Geleidelijk aan spitsen de aanbevelingen zich meer en meer toe op examenvragen beantwoorden in het algemeen, alles aan de hand van voorbeelden uit het deelexamen. Anders gezegd, er worden vanuit deze ervaring tijdens de sessie diverse strategieën meegegeven die de studenten kunnen inzetten tijdens de examenperiode.

Het vervolg van de sessie pikt dan ook in op andere voorbeelden van examenvragen. Aan de collega’s uit de opleiding werd in de tussentijd gevraagd om de examenbank van voorbeeldexamens te voorzien, zodat de studentenbegeleider uit die vragen kan putten om levensechte voorbeelden mee te geven.

Tot slot herhaalt de studentenbegeleider de zes stappen in het studeerproces die al in een vroeger infomoment rond studeren in het hoger onderwijs van de opleiding aan bod kwamen (oriënteren en plannen / verkennen / verwerken / memoriseren / controleren / herhalen). Nu zijn de diverse onderdelen van dat proces concreter voor de studenten omdat ze nog eens toegepast worden uitgelegd op het deelexamen Belgische politiek.

De sessie eindigt met een rondvraag: wat hebben de studenten onthouden voor de komende examenperiode? Welke tips nemen ze zeker mee? Wat hebben ze daarvoor nog nodig? Welke vervolgstappen zetten ze naar de volgende examenperiode? Belangrijk is dat de studenten ervaringen met elkaar delen.

Materiaal en bronnen

Studeren met rendement – examencoaching, I. MESTDAGH, Opleiding Journalistiek, Howest, 2019

Studenten begeleiden in een krachtige leeromgeving, I. MESTDAGH, Interne studiedag Howest, 2019

Downloads – Inspiratieblad feedback. (2019). Opgehaald van Zien in de klas: https://zienindeklas.nl

Hattie, J. (2014). In Leren zichtbaar maken. Bazalt Educatieve Uitgaven.

Case Journalistiek – studentenbegeleidingssessie (Ilse Mestdagh en Bregt Vermeulen). Meer info? ilse.mestdagh@howest.be

Relevante blogtips

Algemeen kader rond effectieve feedback.

Bee-com a 21st century communicator!

by teachlabadmin

De Bee-com routeplanner is een didactisch instrument ontwikkeld voor studenten en docenten in het hoger onderwijs. Bee-com routeplanner helpt bij het opzetten van 21e-eeuwse communicatie. De volledige titel is: Bee-com a 21st century communicator. Een routeplanner voor 21e-eeuws communiceren.

Waarom is Bee-com ontwikkeld?

Het hoger onderwijs heeft de taak om studenten voor te bereiden op hun toekomstige rollen in het werkveld en de samenleving. Dat vraagt onderwijs dat krachtig, motiverend en levensecht is. Makkelijker dan ooit tevoren kan je communication designs maken die woord en beeld integreren. Toch blijven er heel wat drempels, zowel voor studenten als docenten. In doelgerichte, 21e-eeuwse communicatie verenigen zich op z’n minst vier domeinen: ICT, grafische vormgeving, taal en user-centered design. Het is moeilijk om in deze vier domeinen tegelijk deskundig te zijn. Daarom is er de routeplanner: Bee-com maakt de basiskennis en –vaardigheden uit deze vier domeinen toegankelijk voor een breed publiek. Bovendien reikt de routeplanner manieren aan om de nodige kennis en vaardigheden in interactie te verwerven. Dat gebeurt steeds vanuit een realistisch uitgangspunt: een probleem uit de buitenwereld waarvoor studenten samen een oplossing zoeken.

Vertellen met beelden – Leer studenten presenteren aan de hand van pecha kucha

Wat is het?

Een pecha kucha is een diavoorstelling van 20 afbeeldingen presenteren, in een totale tijd van 6 minuten en 40 seconden. Elke afbeelding wordt daarbij precies 20 seconden getoond. Deze eisen dwingen de deelnemers creatief en to the point te zijn over eender welk onderwerp. Naar eigen believen kun je als opdrachtgever de basisregels wijzigen: je maakt de basispresentatie bijvoorbeeld nog korter om de timing van de oefening voor een grotere groep haalbaar te houden.

Op onderstaande website krijg je een concrete indruk van de methodiek, je kan er verschillende presentaties bekijken die werden gemaakt met pecha kucha.

 

 

Waarom belangrijk en hoe doen?

PowerPoint wordt overal ingezet, nodig of niet, en meestal met een resem tekst erop, het liefst nog met bullets gerangschikt. Nog voor je als spreker de punten op je dia hebt afgehandeld, heeft je publiek ze al lang doorgenomen en vertel je niets nieuws meer. Boeiend?

Dé basisstelregel die je meegeeft aan studenten is de volgende: Een digitaal hulpmiddel gebruik je voor je publiek, niet voor jezelf. En een publiek kijkt nu eenmaal graag naar beelden… Studenten een verhaal laten vertellen aan de hand van beelden, is een zinvolle oefening als tussenstap in het leren presenteren. Een pecha kucha is daarbij een handig leermiddel.

Via pecha kuch laat je studenten nadenken over en oefenen voor drie kwesties:

(1) Ze moeten beknopt zijn en dus een selectie maken van hun info (hoofd- en bijzaken scheiden)

(2) Ze moeten nadenken over begin, midden en slot– structuur aanbrengen dus.

(3) Ze zijn verplicht van hun verhaal te vertellen rond beelden; ze krijgen een PwP-sjabloon voor pecha kucha mee waarin ze hun beelden moeten implementeren.

 

Een pecha kucha-presentatie is een ideale tussenstap in een traject leren presenteren. Gebruik om presentaties te beoordelen overal in de opleiding dezelfde heldere checklist met basiscriteria. Meer over presenteertrajecten vind je onder Leer je studenten stapsgewijs presenteren en Pimp your slideshow.

Leer je studenten stapsgewijs presenteren

Wat is het?
Presenteren is een complexe vaardigheid. De student moet als een goochelaar heel wat balletjes in de lucht houden: een goede (spreek)tekst, lichaamstaal, stemgebruik, oogcontact, visuele hulpmiddelen gebruiken….
Daarom is het goed om studenten te laten starten met een aantal deelaspecten van presenteren en hen geleidelijk aan te laten oefenen. Eens hij een vaardigheid beheerst, kan iets nieuws toegevoegd worden.
Betrek je collega’s van bij de start. Stem af over duidelijke criteria in functie van de leerdoelen, bekijk de timing van presentaties op een semester/binnen de opleiding en maak van presenteermomenten in andere vakken oefenmomenten.

Hoe doen? 
Stapsgewijs breng je studenten tot presenteren via een voorbereidende en drie oefenfasen.
De voorbereidende fase
Start met het tonen van een goed voorbeeld en analyseer met de studenten wat de spreker in het voorbeeld allemaal (goed) doet. Op die manier kom je samen met de studenten tot een checklist van hoe een goede presentatie eruitziet die alle docenten tijdens de hele opleiding kunnen gebruiken.
Checklists hebben een driedubbel doel: ze maken de opdracht duidelijk en concreet, ze zijn een leidraad voor de student om de opdracht te maken en ze helpen student en docent bij het geven en ontvangen van feedback.

Fase 1 – Slidecasten

Laat de studenten hun presentatie oefenen op basis van een PowerPoint waarbij ze de tekst inspreken. De focus ligt op structuur van de presentatie, inhoud (hoofd- en bijzaken), spreekstem en vorm van de dia’s. Lichaamstaal , zaalgebruik, oogcontact komen dus nog even niet aan bod. De studenten posten hun slidecast op een studentenleerplatform en beluisteren en beoordelen elkaars werk (adhv de checklist). De docent beoordeelt en geeft feedback.

Een handige tool om deze peer-feedback en docenten-feedback te faciliteren is Audacity, het laat je toe om audio-feedback te geven in groep. Bekijk zeker deze tip hiervoor!

Fase 2 – Live presenteren

De studenten presenteren live. Om de lichaamstaal van de student goed te beoordelen, kan de student gefilmd worden. Als de film afgespeeld wordt zonder geluid, ligt de focus op lichaamstaal en oogcontact en kunnen die vaardigheden vlot beoordeeld worden. Opnieuw kunnen medestudenten feedback geven op de presentaties tijdens de live-fase of via film. Voordeel is ook dat de student zichzelf kan bekijken en bijsturen voor de eindfase.

Fase 3 – De eindpresentatie

De student neemt de feedback op alle presentatie-oefeningen mee en doet een eindpresentatie waarin hij de beoogde einddoelen zo goed mogelijk tracht te bereiken.

Zo je wil, kun je in meer tussentijdse fases/instrumenten werken.
Storyboarding: In plaats van een klassieke presentatie met een begin, midden en slot gaat de student uit van de huidige situatie om te komen tot de gewenste situatie. De tussenliggende stappen worden via een storyboard uitgebeeld. Op die manier kunnen visueel ingestelde studenten vaak vlotter een verhaal vertellen dan puur met woorden, maar belangrijker is dat bij het maken van een visueel hulpmiddel voor presentaties (powerpoint) niet in de val getrapt wordt van het puur oplijsten van de te vertellen punten: de PowerPoint werkt met beelden en wordt dus visueel aantrekkelijker voor de kijker. De student wordt gedwongen zijn verhaal te vertellen ipv van het scherm af te lezen. Zie voor meer informatie deze tip.

Pecha kucha: Via pecha kucha is de student beknopt in timing per dia en totale tijd. Hij is verplicht om met beelden te werken en moet zich op dia in beelden uitdrukken in plaats van in woorden.

Andere relevante blogtips:

Hoe presenteer je online?

Leer je studenten presenteren aan de hand van Pecha Kucha

Bron:

Casteleyn, J. (2010, november). Taalunie, 24ste Conferentie Het Schoolvak Nederlands. Opgehaald van Taalunie: https://hsnbundels.taalunie.org/bijdrage/2010-slidecast-yourself-studenten-geven-presentaties-op-het-internet/

Casteleyn, J., Dhaenens, J., & Devos, B. (2014, november). Taalunie, HSN Conferentie. Opgehaald van Taaluniversum: http://media.taalunieversum.org/hsnbundel/download/28/hsnbundel-28_1319.pdf

Intensieve schrijfbegeleiding bij eerstejaars

Wat is het?

Intensieve schrijfbegeleiding bij een inhoudelijke schrijfopdracht leert studenten een complexe opdracht tot een goed einde brengen in stappen. De begeleiding bestaat uit diverse fasen en zet verschillende instrumenten in. Bijvoorbeeld: een paper over een actuele problematiek in Journalistiek, een reflectieverslag in Sociaal Werk, een observatieverslag in Toegepaste Psychologie, een rapport in Toegepaste Informatica… Je kunt een gelijkaardig traject inzetten om studenten te leren spreken voor publiek.

Waarom belangrijk?

Intensieve schrijfbegeleiding helpt studenten de diverse stappen in een complexe schrijfopdracht kennen en betere schrijfproducten af te leveren die relevant zijn voor hun opleiding (tot en met de bachelorproef).

Tip: Deze methodiek heeft meer effect wanneer je dit met meerdere lectoren systematisch toepast. Studenten maken de transfer makkelijker als lectoren dezelfde instrumenten en criteria inzetten bij een volgende gelijkaardige opdracht. Voor meer info over taalbeleid, contacteer Ilse Mestdagh

Hoe doe je dit?

Lesmateriaal afstemmen op dyslectici én studenten met mogelijke taalachterstand

Wat is het?

Dyslexie heeft een neurologische oorzaak, is vaak erfelijk en niét geneesbaar! Deze studenten hebben problemen met woordidentificatie (lezen) en schriftbeeldvorming (schrijven). 

Ze hebben vaak moeite met logisch-geordende lijsten (woordenlijsten, kenmerken, …) en met multi-tasking tov serial tasking (luisteren én schrijven tegelijk). 

Problemen op woordniveau 

  • Werkwoordvorming, verdubbeling, tussenletters, homofonen 

Problemen op zinniveau 

  • Functiewoorden (lidwoorden, voorzetsels, voegwoorden, …) 
  • Leestekens 
  • Hoofdlettergebruik 
  • Samenhang complexe zinnen 

Perifere problemen 

  • Meer tijd nodig voor het lezen van teksten, opgaven, vragen 
  • Langzame en beperkte woordherkenning 
  • Luidop lezen 
  • Beperkt inzicht in onsamenhangende informatie (structuur noodzakelijk) 

Dit alles leidt tot langere verwerkingstijd! 

Wat doet Howest momenteel? Er is een Howest-beleid waarbij faciliteiten worden aangeboden voor studenten met dyslexie. Het gaat meestal om (individuele) sticordi maatregelen: stimuleren, compenseren, remediëren en dispenseren. 

NOG BETER is inclusief onderwijs aanbieden door lesmateriaal af te stemmen op studenten met dyslexie, wat ook ten goede komt aan élke student die mogelijk een taalachterstand heeft dat nog niet is vastgesteld. 

Richtlijnen voor een heldere opdrachtomschrijving

Wat?

Opdat studenten een opdracht goed en volledig kunnen uitvoeren, is het belangrijk dat lectoren hun opdracht helder uitschrijven. Daartoe bestaat de checklist Richtlijnen voor richtlijnen, die aangeeft welke onderdelen een volledige opdrachtomschrijving heeft.

Waarom?

Transparantie en duidelijkheid zijn belangrijk om ervoor te zorgen dat studenten de opdracht uitvoeren zoals je als lector hebt beoogd. Je vermijdt bovendien achterafvragen van studenten zoals Wat zijn de vereiste onderdelen van de opdracht? Hoe lang moet die opdracht zijn? Hoe evalueert de docent de opdracht? Waarom is de opdracht belangrijk in mijn opleiding? …

Hoe?

Hanteer de checklist “Richtlijnen voor richtlijnen” om je opdracht op te stellen, na te lezen of te laten nalezen. Een voorbeeld met duidelijke richtlijnen vinden jullie hier.

Tips

Zorg ervoor dat de volgende elementen opgenomen worden in de opdrachtinstructie:

  • de doelstellingen van de opdracht;
  • een te volgen methode of stappenplan;
  • de voorziene begeleiding;
  • de te verwachten feedbackprocedure;
  • de vormelijke aspecten van het eindproduct;
  • de deadline(s);
  • de evaluatiecriteria.

 Bron:

Peeters, E. & T. Van Houtven (2013). Schrijfvaardigheid in het hoger onderwijs. Praktische handleiding voor krachtig schrijfvaardigheidsonderwijs in de instroomfase. Leuven: Acco.

Leer je studenten schrijven

Wat is het?

Teksten schrijven is een cruciale competentie die in iedere opleiding belangrijk is. Studenten schrijven namelijk doorheen hun studie tal van teksten die ze nodig hebben voor studie en beroep.

Waarom belangrijk?

Een goed geschreven tekst is een belangrijke algemene competentie voor een bachelor-student en een hefboom naar een professionele carrière.

Hoe kan je dit doen?

  1. Een goede voorbeeldtekst. Selecteer een goed voorbeeld die van toepassing is. Werk indien mogelijk met teksten van studenten van het jaar voordien – de lat ligt dan op de “haalbare” hoogte voor je student.
  2. Laat studenten reflecteren. Geef studenten de voorbeeld tekst en laat hen de kenmerken detecteren. Maak samen een checklist en licht de theorie toe op basis van deze checklist. (Werk voor jezelf op voorhand ook een checklist uit op basis van de theorie, dit kan je helpen bij deze oefening).
  3. Zet studenten aan het werk met een heldere opdracht. Geef studenten de opdracht om zelf een tekst in het genre te schrijven. Zorg ervoor dat die opdracht duidelijk is door de checklist als leidraad te gebruiken.
  4. Faseer de aanpak. Maak studenten erop attent dat schrijven in fasen gebeurt (oriënteren, structureren, formuleren en redigeren)
  5. Schakel een leesbuddy in. Een student leest de tekst van een medestudent en toetst die aan de checklist. Het nalezen en feedback geven is ook een belangrijke leerervaring, op deze manier leren studenten de checklist beter kennen en gebruiken.
  6. Geef formatieve feedback. Ondersteun de schrijfontwikkeling van de student en geef formatieve feedback op een tussentijdse versie. Geef hierbij concrete tips om de tekst beter te maken.
  7. Evaluatie en quotering. Laat de student een definitieve versie schrijven en indienen.Wees flexibel met dit instrument, naargelang je eigen mogelijkheden, tijd en die van je studenten.