Header Image - TEACHER LAB

Aan Howest wordt iedereen dipster! in 2020

Wat is het?

Informatie zoeken gebeurt steeds meer online of in een andere digitale vorm. Om de kennis en vaardigheden van lectoren en studenten te versterken werd een toolbox op Leho ontwikkeld. De toolbox kreeg de naam dipster, dit staat voor digital information professional. De naam dipster kan je dus ook zien als een soort geuzennaam die je draagt wanneer je over deze skills beschikt.

Om je digitale informatievaardigheden (informatie zoeken, informatie beoordelen, informatie verwerken & kritisch denken) te versterken, en om inspiratie op te doen hoe dit in je lessen te integreren, kan je in deze toolbox terecht.

Waarom belangrijk?

Het belang van informatievaardigheden is er altijd geweest. Door de digitalisering staan deze vaardigheden onder spanning en komen er heel wat uitdagingen op ons af. We merken dat onze studenten niet altijd even kritisch staan t.o.v. hun eigen informatievaardigheden. Ze overschatten zichzelf. Zoekstrategieën worden vaak maar erg beperkt ingezet, het bestaan van databases of inzicht in hoe het internet werkt ontbreekt. Tijd voor actie dus!

Hoe gebruik je de leho-site dipster?

De dipstertoolbox voor docenten is opgebouwd in 2 categorieën, ‘versterken’ en ‘ondersteunen’.
Onder ‘versterken’ vind je, opgedeeld in 20 ‘basismodules’, de essentiële kennis terug die studenten moeten aanleren en automatiseren gedurende hun opleiding.

Deze basismodules werden telkens uitgebreid met extra’s voor docenten. Daarin vind je extra informatie voor jou als docent, maar ook een heel aantal (kant-en-klare) werkvormen die je kan gebruiken om met de studenten aan de slag te gaan rond deze vaardigheden.

In de categorie ‘ondersteunen’ leer je hoe je studenten kan coachen en begeleiden om deze vaardigheden aan te scherpen. Daarnaast zetten we ter inspiratie een aantal opleidingen uit onze hogeschool in de kijker die al een sterk uitgewerkte leerlijn hebben rond ‘digitale informatievaardigheden’.

De 20 basismodules uit ‘dipster voor docenten’ werden ook ondergebracht in een ‘dipster voor studenten’ die enkel toegankelijk is voor de studenten van onze hogeschool. Je kan je studenten steeds naar deze tool doorverwijzen als je ze graag nog eens alle informatie in één overzicht wil aanbieden. De tool is enkel raadpleegbaar via het online leerplatform ‘Leho’ of via de bibliotheken van Howest.

Wil je graag nu al zelf aan de slag?

Surf naar Leho > cursussen > alle cursussen > dipster.

Je kan vrij intekenen op deze Leho-site.

Gaat jouw team met dipster aan de slag?

Het spreekt voor zich dat het ontwikkelen van deze competenties tijd vraagt en ondersteuning. Vanuit dipster doen wij dan ook heel wat suggesties naar het ondersteunen en ontwikkelen van deze vaardigheden, via effectieve evaluatie-, reflectie- en coachstrategieën.

Wil je weten hoe je deze tool kan inzetten in het groeiproces van je studenten? Wil je in het curriculum van je opleiding meer aandacht vestigen op informatievaardigheden? Voor alle ondersteuningsvragen en docententrainingen kan je terecht bij:

kimberly.verhaest@howest.be én wouter.de.meester@howest.be

Nog aan het twijfelen?

Misschien kan onderstaand filmpje jou overtuigen.

Bron

www.iedereendipster.be

(Blogpost aangeleverd door Kimberly Verhaest en Wouter De Meester)

Design class: Optimalisatie afstandsonderwijs via Leho

Module Engels 1, opleiding TRM@Home

Wat is het?

De opleiding TRM@Home ervoer een nood om de opleiding haalbaarder en aangenamer te maken voor zowel de studenten als de docenten. Dominique Vansteenkiste, docent Engels in de opleiding stelde zich kandidaat om rond dit onderwerp een Design Class te doorlopen met ondersteuning van Elke Ruys van dienst Onderwijs.

Waarom belangrijk?

Een letterlijke kopie van het studiemateriaal en de leeromgeving van een reguliere opleiding naar een @home-opleiding werkt niet. Aangepaste werk- en oefenvormen zijn nodig en een duidelijke structuur en aangename leeromgeving is van nog groter belang dan binnen een reguliere opleiding. Daarnaast is regelmatige feedback rond de vorderingen en prestaties essentieel, maar vaak moeilijk te realiseren door de afstand of door de tijdsintensiviteit van individuele feedback. Bovendien wordt het ontbreken van sociaal contact met medestudenten en de docent vaak als gemis ervaren en leidt dit ertoe dat studenten soms sneller dan nodig afhaken.

Hoe doen?

De leerervaringen uit de Design Class vatte Dominique samen in zes concrete tips.

  1. Creëer een flow binnen je cursus.
    • Bouw een leerpad op in plaats van een bibliotheek met bestand.
    • Creëer een samenhangend verhaal waardoor de studenten navigeren aan de hand van de knop volgende.
  2. Kies een duidelijke kapstok.
    • Denk goed na over een logische opbouw waarin student vlot hun weg vinden.
    • Kies voor duidelijke titels en verduidelijk je opbouw bij de introductie.
  3. Voorzie streefdatums en volg deze op.
    • Strikte tussentijdse deadlines werken vaak niet, aangezien afstandsstudenten door de combinatie met werk/gezin vaak meer nood hebben aan flexibiliteit.
    • Streefdatums werken echter wel, aangezien ze studenten een goede houvast geven om hun leren te plannen.
    • Ook voor jou als docent bieden ze houvast. Op deze momenten kan je via het cijferboek of new analytics nagaan hoever de studenten al staan en hen gericht aanmoedigen of complimenteren. (zie tip: datagestuurd studiecoachen)
  4. Creëer variatie in het type oefeningen dat je aanbiedt.
    • Gebruik diverse leho-toetsen en -opdrachten en voeg eventueel nog extra kwalitatieve externe oefeningen toe.
    • Voorzie in automatische feedback.
  5. Zorg dat je als docent zichtbaar bent
    • Maak een filmpje waarin je jezelf en de module voorstelt.
    • Maak extra instructiefimpjes rond moeilijke topics of, in het geval van een taalvak, rond uitspraak.
  6. Zorg dat de studenten niet alleen jou, maar ook elkaar leren kennen.
    • Laat je studenten ook een filmpje maken over zichzelf en dit delen met de groep.
    • Maak gebruik van groepsdiscussies, een forum met FAQ.
    • Maak de reguliere studenten zichtbaar door good practices van hen uit de reguliere lessen op te nemen (bvb geslaagde presentaties).

In onderstaand filmpje neemt Dominique je mee doorheen zijn leeromgeving om bovenstaande tips verder te duiden. Door het filmpje te openen via Panopto (diagonale pijl rechts onder) kan je gebruik maken van de bladwijzers en eenvoudig doorklikken naar de tip van jouw keuze.

Meer weten?

Wil je meer weten over de resultaten van deze Design Class neem dan contact op met Dominique.Vansteenkiste@howest.be of Elke.Ruys@howest.be.

Heb je interesse om ook een Design Class te doorlopen voor je eigen opleidingsonderdeel? Lees dan hier alle informatie rond Design Class.

Bron

Design Class TRM@Home – Casus Engels 1 – docent Dominique Vansteenkiste – onderwijsondersteuner Elke Ruys

Instructievideos maken

Wat is het?

Instructievideos zijn videos voor educatieve doeleinden. We onderscheiden drie soorten instructievideos:

  • de kennisclip. Een korte video over een stuk theorie. De kennisclip is sterk afgebakend tot één afgelijnd onderwerp.
  • het instructiefilmpje. Een korte video over een bepaalde handeling. Een instructiefilmpje is sterk afgebakend tot één handeling/vaardigheid.
  • de integrale lesopname. Een video van een volledige les waarbij het presentatiemateriaal en de spreker worden gesynchroniseerd.

Waarom belangrijk?

Videos in je onderwijspraktijk kunnen op diverse manieren een meerwaarde betekenen. Hieronder vind je een niet-limitatieve lijst aangevuld met getuigenissen van de collega-docenten aan Howest.

1) Relevant in het kader van levenslang leren. De kans is heel reëel dat je studenten ook later zich zullen bijscholen aan de hand van videos of online cursussen. Vanuit dit aspect is het belangrijk dat ze hier al worden op voorbereid tijdens hun studieloopbaan.

(2) Herhaling doet deugd. Videos laten toe om de informatie opnieuw af te spelen, terwijl een les natuurlijk een single-shot is.

(3) (Internationale) externe expertise vastleggen. Videos bieden de mogelijkheid om interessante lezingen blijvend aan te bieden aan bv. afstandsstudenten of in een ander academiejaar.

“Video’s lijken me ideaal voor mijn design modules, je kan handelingen op de juiste wijze uitlichten en toelichten. Studenten kunnen dit zelfstandig doornemen maar vooral, ze kunnen het herbekijken wanneer ze bv. deze skills moeten toepassen in grotere opdrachten waar design wordt geïntegreerd met andere skills.”

(4) Multimedia leren. Video’s zijn in een aantal gevallen een beter hulpmiddel dan de klassieke leermiddelen (syllabus, PowerPoint) bij het instuderen van de materie. Denk maar aan allerlei handelingen en vaardigheden. Je kan deze uitschrijven maar je kan ze eigenlijk beter opnemen. Dit heeft een groter leereffect én is ook efficiënter voor jezelf.

(5) Efficiëntie. Een aantal moeilijke topics (waarover je veel vragen krijgt) lenen zich goed voor het opnemen van een instructievideo. Het geeft de student de kans om te herhalen maar het maakt jouw monitoraat ook doelgerichter.

“Ik verkies instructie video’s voor digitale handelingen zoals bv. Mailchimp. Dit type leerstof kan je sowieso heel moeilijk in een uitgeschreven tekst gieten. Je moet dit echt kunnen tonen aan de studenten zodat ze het zeker begrijpen. In plaats van rond dit onderdeel een cursus te voorzien, is het beter om voor elke stap met een video te werken. Zo is het meteen duidelijk voor de studenten.”

(6) Observerend leren. Gedurende ons leven leren we enorm veel via observatie (denk maar aan een baby die zich ontwikkelt tot kind en volwassene). Deze sterke vorm van leren kunnen we via instructievideos integreren in onze onderwijspraktijk. Laat studenten zichzelf filmen, laat ze een video van een expert analyseren…..gegarandeerd leerkansen!

(7) Afstandsleren en blended leren. Videos zijn de motor van gerenommeerde online opleidingen (Massive open online courses). Ze zijn een prima middel om informatie door te geven aan studenten. Ze laten toe om op een andere manier je les vorm te geven.

“In de module Smart app development, gaan ze meerdere keren een project moeten opzetten. Dit zou ik graag niet steeds herhalen, maar een keer uitleggen en ze dan steeds verwijzen naar dezelfde inhoud. De essentie is om rekening te houden met de compatibiliteit, te weten wat ze moeten typen en om te eindigen met een basis project waar ze mee aan de slag kunnen gaan. Ik kies voor instructievideo zodat ze bij het oefenen dit zeker goed doen.”

Hoe doen?

Aan Howest hebben we Panopto om instructievideos te maken. We hebben deze software gekozen omwille van (a) de laagdrempeligheid voor onze gebruikers en (b) de integratie met onze digitale leeromgeving.

Onderstaande video zet je op weg in het maken van een video via Panopto.

Interesse in meer?

De volledige videotraining (m.b.t. het maken, het bewerken en het aanbieden van video) vind je op de volgende pagina:

Interessante blogtips die hiermee samenhangen

Verhoog de kijkcijfers van je videokanaal: tips voor een echte leervideo.

Verhoog de kijkcijfers van je videokanaal: Hoe maak je een video die het leren ondersteunt?

Wat is het?

Video is een heel effectief hulpmiddel om afstands- en blended leren vorm te geven. Het is in de meeste gevallen ook hét hulpmiddel waarop een blended of afstandstraject is gebouwd. Wie al eens een MOOC (Massive Open Online Course) heeft gevolgd zal merken dat video’s het belangrijkste middel zijn om kennis en vaardigheden over te dragen aan studenten.

Video is echter maar effectief wanneer:

  • het technisch correct is, wanneer de audio, de belichting en de visuals duidelijk zichtbaar zijn en afgestemd op elkaar.
  • het design goed zit. Het design, dan gaat dit over de manier waarop de video is gemaakt om optimaal de aandacht van studenten vast te houden en hun leren te ondersteunen.

Doe de test, bekijk onderstaande video en denk na over de volgende vragen:

(1) Heb je deze video vroegtijdig gestopt?

(2) Ben je beginnen scrollen?

(3) Miste je een kapstok om de nieuwe informatie beter te verwerken?

De kans is groot dat je drie keer ja hebt geantwoord. Niet iedere video is didactisch waardevol. In deze blogpost gaan we in op de elementen die kenmerkend zijn voor een didactisch sterke video. Deze elementen zijn gebaseerd op wetenschappelijk onderzoek naar online leren aan de hand van video’s.

Waarom belangrijk?

Wanneer je beslist hebt om video’s te maken dan kan je ze beter direct goed maken. Het zou jammer zijn te constateren dat je video’s niet worden bekeken of beperkt worden bekeken door je studenten. Onderstaande tips worden uitgelegd en telkens wordt getoond hoe je dit in Panopto (de video-software van Howest) kan toepassen.

Hoe doen?

Signaleer

Signalisatie verwijst naar het richten van de aandacht van de kijker op de essentiële elementen in een video. Een aantal voorbeelden:

  • Het oplichten van de cursor bij essentiële schermhandelingen
  • Het kleuren van bepaalde kernwoorden in je presentatie
  • Het toevoegen van een kernwoord bij tussenstappen
  • Een korte intro die de opzet en het doel van de video verduidelijkt.

In Panopto kan je jouw cursor laten oplichten bij het maken van schermhandelingen. Je gaat hiervoor naar Panopto, naar je instellingen en je klikt onderstaande instelling aan.

Segmenteer

Segmentatie verwijst naar het opdelen van je informatie in beheersbare delen. Zowel voor het bepalen van de content van je video als in je video zelf. Een aantal voorbeelden:

  • Baken je video af tot één afgebakend onderdeel bv. één handeling of één topic.
  • Deel je video op in diverse onderdelen of hoofdstukken. Dit zorgt ervoor dat een kijker een kapstok meekrijgt tijdens het kijken en dat hij gericht kan browsen door de opname;

Onderstaande video toont je hoe je onderdelen of hoofdstukken kan toevoegen aan een video. Klik op het pijltje in de opname en je zal de hoofdstukken van deze opname zien. Ga direct naar het hoofdstuk ‘Hoe pas je de inhoudstafel aan?’ (handig toch, die hoofdstukken?)

Hou het kort

De meest optimale duur van een video is 6 min. Video’s langer dan 6 min. tonen een lager kijkengagement (analyse bij 6,9 miljoen video sessies!). Dit toont nogmaals het belang van je video’s zo te segmenteren dat ze kort zijn. Wil dit zeggen dat je geen lessen integraal mag opnemen? Zeker niet, maar dan is het belangrijk om signalisatie en segmentering in je video’s te steken;

Het uitwerken van een script kan je helpen om je video kort te houden. In een script denk je na (a) wat je zal tonen/zeggen en (b) hoe je dit zal zeggen en tonen. Onderstaand sjabloon kan je vrijblijvend gebruiken. Onder het sjabloon vind je ook een voorbeeld van een aantal scripts. Je zal zien dat de docent niet alles uitschrijft.

Converseer

Traag spreken is niet nodig bij video, onderzoek toont aan dat de interesse van de kijker zelfs daalt. Maak er ook geen studio-opname van, gebruik gerust wat spreektaal en vooral je persoonlijke kenmerken.

Heb je hier moeite mee? Visualiseer letterlijk een student voor je wanneer je opneemt, dit helpt enorm.

Lach ook even voor je klikt op ‘record’, je stem zal mooier uitkomen (een tip van radioprofessionals)

Oriënteer

Begeleid studenten in het bekijken van de video door bv. oriënterende vragen/opdrachten die worden meegegeven met de video. Onderzoek toont dat de leereffecten groter zijn wanneer studenten naar een video kunnen kijken met een concrete opdracht Een aantal voorbeeld:

  • Breng de parameters van veiligheid in kaart na het bekijken van deze video
  • Orden onderstaande stappen in de juiste volgorde na het bekijken van deze video
  • Bespreek deze casus op basis van onderstaande video.

In Panopto kan je op twee manieren vragen/opdrachten integreren in een video.

Je kan vragen toevoegen aan de video zelf. Onderstaande video toont je hoe.

Ga naar het hoofdstuk ‘Hoe voeg je een quiz toe?’

Je kan de video zelf aanbieden in een toets of opdracht. Onderstaande video toont je hoe.

Stretch het geheugen

Nieuwe informatie wordt langer vastgehouden wanneer je zowel het visuele als het auditieve kanaal stimuleert van de kijker. Wil je dus een handeling demonstreren, licht per aspect toe wat je aan het doen bent (auditief plus visueel). Wil je een stuk theorie verduidelijken? Denk dan na over een schema/tabel/grafiek/board die dit kan ondersteunen (visueel plus auditief)

Meer weten?

Effective educational videos. (2015, augustus 17). Vanderbilt University. https://wp0.vanderbilt.edu/cft/guides-sub-pages/effective-educational-videos/

Guo e.a. – 2014—How video production affects student engagement a.pdf. (z.d.). Geraadpleegd 24 januari 2020, van http://up.csail.mit.edu/other-pubs/las2014-pguo-engagement.pdf?_ga=2.181585248.696372743.1551264081-132623404.1541597222

Interessante blogtips

Flipping the Classroom: model voor een doordachte combinatie van contacttijd en niet-contacttijd.

Instructievideos maken

Feedback die blijft plakken

Wat is het?

Feedback is een communicatietechniek en een van de meest krachtige instrumenten die je als lector kan inzetten om het leren van studenten te bevorderen. Volgens Hattie (2014) dient feedback om de kloof te verkleinen tussen waar de student is en waar hij hoort te zijn. Bij het geven van feedback maak je als lector dus het verschil duidelijk tussen de huidige resultaten van een student en de succescriteria.

Effectieve feedback blijft plakken. Dit wil zeggen dat studenten en lectoren iets doen met de feedback. Feedback leidt dus tot actie! Effectieve feedback is gefocust op drie vragen:

  1. Feedup: Waar ga ik naartoe?
    De eerste vraag heeft betrekking op het doel. Dit is ook waarom leerdoelen en beoordelingscriteria zo belangrijk zijn. Doelen kunnen op verschillende manieren gelinkt worden aan feedback. Enerzijds geven zij informatie over het niveau van het gewenste resultaat. Anderzijds laat feedback studenten nieuwe uitdagende (tussen)doelen stellen om het einddoel te bereiken.
  2. Feedback: Waar sta ik nu?
    De tweede vraag gaat over de vooruitgang. Die feedback is gericht naar de prestatie of het gedrag van de student op het moment dat je feedback geeft, afgezet tegen het leerdoel. Daarbij wordt aangegeven in welke mate huidige prestaties voldoen aan de vooropgestelde beoordelingscriteria of aan het einddoel.
  3. Feedforward: Hoe nu verder?
    De derde vraag heeft vooral te maken met volgordelijkheid. Daarbij helpt feedback bij het kiezen van de volgende stappen om het einddoel te bereiken of om resultaten te verbeteren.

Het beantwoorden van deze vragen is steeds gelinkt aan de focus van je feedback:

  • Feedback op de taak/product: bij feedback op het taak- en productniveau gaat het om de taak zelf. Daarbij geef je aan de student informatie over wat hij goed en minder goed gedaan heeft; of het werk correct is en of de taak goed werd uitgevoerd. Vaak geef je ook aanwijzingen van wat de verwachtingen zijn en wat er nog moet gebeuren om het resultaat te verbeteren. Deze feedback wordt vaak ‘correctieve feedback’ genoemd en komt veel voor in commentaren op taken en opdrachten. Dergelijke feedback is meestal specifiek en is heel krachtig voor beginnende studenten.

Bijvoorbeeld: “Over het algemeen vind ik dit een goede tekst. De start vond ik minder… Als je iets schrijft altijd nadenken: gaat mijn bachelorproef hier wel over? Moet ik dat vertellen? Is het relevant of niet?”

  • Feedback op het proces: feedback op het procesniveau richt zich niet op het resultaat, maar op de aanpak van de taak en de inspanningen door de student. Procesgerichte feedback helpt de student om fouten op te sporen, verbanden te herkennen en leerstrategieën te ontwikkelen.

Bijvoorbeeld: “Neem tijd om te programmeren. Een planning kan hierbij handig zijn. Hoe denk je het nu aan te pakken? Wat ga je nu eerst doen? Wat kost jou het meeste tijd om te doen?”

  • Feedback over de mate van zelfregulatie: hier gaat het om feedback op de manier waarop studenten hun handelen sturen. Feedback op het niveau van zelfregulatie spoort aan tot reflectie en helpt de vaardigheid van zelfbeoordeling te verbeteren. Als studenten zichzelf kunnen monitoren en reguleren, weten zij wanneer zij feedback van anderen nodig hebben en hoe zij deze feedback effectief kunnen gebruiken om hun resultaten te verbeteren. Dergelijke feedback – meestal in de vorm van reflectieve vragen – leidt de student naar het ‘wanneer’, ‘waar’ en ‘waarom’ bij het maken van beslissingen op taak/product- en procesniveau.

Bijvoorbeeld: “Waarom heb je voor die kleur gekozen bij het bepalen van je ontwerp? Hoe ben je daarop gekomen? Waarom is dit de beste keuze?”

  • Feedback over de persoon zelf: feedback op het niveau van het ‘zelf’ is gericht naar de student als persoon en bestaat meestal uit positieve opmerkingen. Positieve waarderingen worden vaak gebruikt voor geruststelling en steun, ze leiden echter vaak de aandacht af van de taak/product, het proces of de zelfregulatie. Je zegt iets aardigs tegen de student, maar vaak zonder dat het duidelijk is waar het precies betrekking op heeft. Feedback op de persoon zelf is dus niet specifiek en heeft dus weinig invloed op verbetering van de resultaten. We kunnen besluiten dat positieve waarderingen kunnen, het is echter belangrijk om ze te scheiden van effectieve feedback.
    Negatieve feedback op de persoon kan als zeer bedreigend ervaren worden.

Bijvoorbeeld: “Jij bent toch wel een knoeier!”

Waarom belangrijk

Effectieve feedback ondersteunt zelfsturing indien ze gebaseerd is op dialoog tussen studenten onderling of tussen student en lector. Op die manier worden studenten uitgedaagd om na te denken over de drie aspecten (verwachtingen, prestatie en toekomstige acties) en krijg je als lector concrete handvatten om je eigen praktijk bij te sturen.

Hoe doen?

Hieronder vind je een aantal tips om effectieve feedback te geven:

  1. Denk doelgericht: maak studenten duidelijk wat jouw verwachtingen zijn door bv. voorbeelden te voorzien of rubrics uit te werken. Communiceer de leerdoelen en de evaluatiecriteria op een heldere manier. Ga na of studenten hebben begrepen wat ze moeten doen en wat het eindresultaat zou moeten zijn.
  2. Stimuleer zelfregulatie: bied studenten mogelijkheden aan om de zelfregulerende vaardigheden in te oefenen. Laat ze reflecteren over het leerproces, stimuleer ze om zelfstandig sterkte- en/of aandachtspunten te formuleren en laat ze actiepunten ter verbetering van hun prestaties vastleggen. Overweeg om self- en/of peerassessment in jouw lessen te gebruiken. Dit maakt dat studenten leren om de vooropgestelde criteria te interpreteren en op basis daarvan hun eigen werk of het werk van hun medestudenten te beoordelen en daar eventueel feedback op te geven.  
  3. Geef informatie m.b.t. het leerproces: lectoren spelen een cruciale rol bij het ontwikkelen van zelfregulerende vaardigheden bij studenten. Hun feedback is een belangrijke informatiebron waarop studenten zich kunnen baseren bij het leren. Effectieve feedback komt juist op tijd; omvat advies over de volgende stappen; benadrukt wat goed is, maar bevat ook constructieve kritiek.
  4. Motiveer: expliciteer waarom studenten bepaalde competenties eigen moeten maken en wat het nut is van wat ze leren i.f.v. hun toekomstige werkomgeving. Laat feedback vertrekken vanuit een talentgerichte benadering. Toon dat je gelooft in het kunnen van jouw studenten en hun groeimogelijkheden. Hanteer motiverend taalgebruik en maak duidelijk dat feedback niet gericht is op de persoon, maar op de prestaties.  
  5. Geef leerkansen: laat studenten actief aan de slag gaan met jouw feedback. Effectieve feedback resulteert in suggesties over hoe studenten de kloof kunnen dichten tussen de huidige en de optimale prestaties/resultaten. Feedback geeft zicht op de volgende stappen in het leerproces en geeft handvatten om verder aan de slag te gaan. Maak duidelijke afspraken met studenten omtrent de opvolging van feedback.     
  6. Reflecteer over eigen instructieactiviteiten: feedback is niet alleen een belangrijke informatiebron voor studenten, ook lectoren halen er waardevolle input uit. Zo krijgen ze zicht op het leren van hun studenten en kunnen ze hun noden in kaart brengen. Ze maken het groeiproces van studenten mee en sturen bij wanneer nodig.
  7. Moedig aan tot dialoog: feedback die in één richting plaatsvindt (van lector naar student) mist vaak veel effectiviteit en kansen. Dialoog zorgt ervoor dat studenten feedback correct interpreteren en dus gericht hun handelen kunnen aanpassen om het resultaat te verbeteren. Zorg er niet alleen voor dat studenten met jou in dialoog gaan, maar stimuleer ook dialoog tussen de studenten onderling. Ten eerste is het leereffect voor studenten die iets aan medestudenten uitleggen zeer hoog, ten tweede worden nieuwe concepten/een opdracht/verwachtingen in een begrijpbare taal aan de medestudenten uitgelegd. Door in dialoog te gaan construeren studenten nieuwe kennis en krijgen ze inzicht in het denkproces van hun medestudenten.

Extra materiaal

Een samenvattende infographic:

Reflecteer over de effectiviteit van jouw feedback:

Relevante blogtips

Activerend feedbackgesprek na een evaluatie.

Feedback geven aan grote groepen.

Leer je studenten feedback ontvangen.

Feedup, feedback en feedforward bij evaluaties: Praktijkvoorbeeld

Of bekijk de overige blogposts onder de tag Feedback.

Bronnen

Hattie, J. A. (2014). Het verloop van de les: de plaats van feedback . In Leren zichtbaar maken (pp. 149-175). Rotterdam: Bazalt Educatieve Uitgaven.

Nicol, D. J., & Macfarlane-Dick, D. (2006). Formative assessment and self-regulated learning: A model and seven principles of good feedback practice. Studies in Higher Education , 2 (31), 199-218.

Feedup, feedback en feedforward bij evaluaties: Praktijkvoorbeeld

Deze post brengt onderwijs, studentenbegeleiding en taalbeleid samen in een lessenpakket of module. De case hieronder komt uit het vak Belgische politiek van de opleiding Journalistiek en focust op feedup (Waar moet studenten heen?), feedback (Hoe doen studenten het?) en feedforward (Wat zijn de volgende stappen die studenten kunnen zetten?). Het doel is dat studenten steeds succesvoller worden in hun studie.

Situatie

Tijdens de decembermaand maken de studenten Journalistiek van het eerste jaar een deelexamen Belgische Politiek dat voor een miniem percentage meetelt. De docent die het vak begeleidt, bereidt hen daar inhoudelijk op voor en geeft hun ook studeertips mee.

Van de studentenbegeleider van de opleiding krijgen de studenten een infosessie over Hoe studeren in het hoger onderwijs? Tijdens die sessie wordt ook verwezen naar het examen Belgische politiek als voorbeeld. 

Na het examen bespreekt de docent het inhoudelijk met de studenten. Op het rooster is in die week een sessie met de eerstejaars ingepland die tegelijk terugblikt op het deelexamen en vooruitkijkt op de nakende examenperiode.

De studentenbegeleider vraagt de eerstejaars om hun handboek Belgische politiek mee te brengen naar de sessie. De studenten hebben daarnaast de PowerPoints en hun notities bij zich over de lessen Belgische politiek. Ook hebben studentenbegeleider en vakdocent een gesprek over hoe het examen dit jaar is verlopen met deze groep studenten en geeft de vakdocent de resultaten door voor de sessie start.

Feedup

Voor het vak Belgische politiek kregen de studenten al uitvoerig uitleg over wat er van hen verwacht werd: Wat is het doel van het vak? Wat levert het de studenten op? Op welke manier sluit de leerinhoud aan bij de doelen van de opleiding Journalistiek? Hoe moeten de studenten de leerinhoud aanpakken? Welke onderdelen zijn extra belangrijk? Waar kunnen de studenten extra info vinden over de leerstof? Welke strategieën kunnen ze inzetten? Enzovoort.

Feedback

De studenten hebben de kans om het deelexamen te doen. Het telt mee voor een klein percentage (5%). Niet alle studenten nemen dit even serieus: sommigen studeren ervoor, anderen willen enkel zien hoe de vraagstelling verloopt. Met de docent is er een inhoudelijke bespreking van het examen waarbij elke vraag zorgvuldig wordt overlopen.

Tijdens de sessie van de studentenbegeleider is het de bedoeling dat de studenten reflecteren over hoe ze zich hebben voorbereid op het examen (vooraf) en over hoe ze het er tijdens het examen vanaf gebracht hebben, Hoe hebben ze dus op de vragen geantwoord? Te kort? Te lang bij open vragen bijvoorbeeld? Ongestructureerd? Welke woorden uit de cursus al dan niet gebruikt? Hebben ze de vragen goed gelezen en begrepen? Enzovoort.

Het geheel wordt dus doorspekt met tips aan de hand van voorbeelden uit het deelexamen, zowel van de studentenbegeleider als van medestudenten. Wie het examen goed heeft doorstaan, kan immers succeservaringen delen. Wie het er minder goed vanaf bracht, kan raad vragen of vertellen over wat minder goed is gelopen.

Feedforward

Geleidelijk aan spitsen de aanbevelingen zich meer en meer toe op examenvragen beantwoorden in het algemeen, alles aan de hand van voorbeelden uit het deelexamen. Anders gezegd, er worden vanuit deze ervaring tijdens de sessie diverse strategieën meegegeven die de studenten kunnen inzetten tijdens de examenperiode.

Het vervolg van de sessie pikt dan ook in op andere voorbeelden van examenvragen. Aan de collega’s uit de opleiding werd in de tussentijd gevraagd om de examenbank van voorbeeldexamens te voorzien, zodat de studentenbegeleider uit die vragen kan putten om levensechte voorbeelden mee te geven.

Tot slot herhaalt de studentenbegeleider de zes stappen in het studeerproces die al in een vroeger infomoment rond studeren in het hoger onderwijs van de opleiding aan bod kwamen (oriënteren en plannen / verkennen / verwerken / memoriseren / controleren / herhalen). Nu zijn de diverse onderdelen van dat proces concreter voor de studenten omdat ze nog eens toegepast worden uitgelegd op het deelexamen Belgische politiek.

De sessie eindigt met een rondvraag: wat hebben de studenten onthouden voor de komende examenperiode? Welke tips nemen ze zeker mee? Wat hebben ze daarvoor nog nodig? Welke vervolgstappen zetten ze naar de volgende examenperiode? Belangrijk is dat de studenten ervaringen met elkaar delen.

Materiaal en bronnen

Studeren met rendement – examencoaching, I. MESTDAGH, Opleiding Journalistiek, Howest, 2019

Studenten begeleiden in een krachtige leeromgeving, I. MESTDAGH, Interne studiedag Howest, 2019

Downloads – Inspiratieblad feedback. (2019). Opgehaald van Zien in de klas: https://zienindeklas.nl

Hattie, J. (2014). In Leren zichtbaar maken. Bazalt Educatieve Uitgaven.

Case Journalistiek – studentenbegeleidingssessie (Ilse Mestdagh en Bregt Vermeulen). Meer info? ilse.mestdagh@howest.be

Relevante blogtips

Algemeen kader rond effectieve feedback.

Data-gestuurd studiecoachen

Wat is het?

In deze blogpost focussen we op het coachen van studenten in hun leerproces. We hebben het dus niet over het inhoudelijk coachen i.c., hoe ze een bepaald project moet aanpakken maar wel over coachen op hun studievaardigheden i.c., plannen, organiseren…Ook deze vorm van coachen behoort tot het takenpakket van een docent. In deze blogpost verduidelijken we hoe je jouw online coachen kan vormgeven aan de hand van het Leho-dashboard. De Leho-data zijn namelijk een goed vertrekpunt om je coaching effectief vorm te geven. Ze laten toe om gericht studenten op te sporen die voldoen aan een bepaald profiel. Deze persoonlijke coaching (persoonlijk = gericht op een bepaalde leersituatie) blijkt meer effectief voor het studierendement dan een algemene mailing.

Waarom belangrijk?

Onderzoek toont aan dat coaching effectief is voor de studententevredenheid en de doorstroom wanneer:

  • ze persoonlijk is i.c., een interventie gericht op de leersituatie van een student i.p.v. een algemene mail werkt beter. Je hoeft hiervoor niet iedere student individueel te mailen maar denk in termen van profielen bv. succesvolle studenten, studenten die dreigen af te haken, studenten die nog een klein duwtje nodig hebben.
  • ze pro-actief is i.c., wanneer een docent zelf actie onderneemt i.p.v. enkel reageert op vragen van studenten. Onderzoek toont aan dat een deel van de studenten ‘onder de radar’ blijft. Onderstaande grafiek (figuur 1) toont dat meer en meer studenten niet meer tot op het examen geraken of dat studenten het vaakst uitstromen voor en net na een eerste meting (figuur 2). Deze inzichten werden tevens bevestigd in onze eigen drop-out bevraging @home (drop-out Howest, 2016). Een groep van studenten haalt dus de eerste meting niet en blijft daardoor onzichtbaar.
Figure 1
Figuur 2: Rivierdiagram drop-out in afstandscursus
  • ze doordacht is i.c., je kan ook teveel coachen. Het effect van coaching kent ook een saturatie-effect. Onderstaande grafiek toont aan dat het effect van coaching exponentieel groeit tot ca. 4 pro-actieve coachingsmomenten. Meer proactief contact leidt niet noodzakelijk tot meer effect.

Hoe doen?

Via de Leho-data kan je heel makkelijk

(a) persoonlijk coachen. Via de communicatiefunctie kan je direct studenten matchen aan een bepaald studentenprofiel. Studenten die bv. te laat zijn, die achterop hinken, die niet meer indienen….

(b) proactief coachen. Via de leho-data wordt het duidelijk wat studenten doen OF wat ze niet doen in de leeromgeving. Zo kan je zien of ze bv. bepaalde documenten hebben doorgenomen voor een examen of bepaalde hulpmiddelen hebben gebruikt.

(c) doordacht coachen, dat hangt natuurlijk af van jou als coach. Je krijgt geen alert wanneer studenten moeten gecoached worden. Je kan wel de data in de gaten houden voor en na een eerste meting. En eens kijken wie er bv. een bepaalde opdracht nog niet heeft ingediend (voor de deadline), wie te laat heeft ingediend of niet heeft ingediend (na de deadline).

Onderstaande video legt uit hoe je de Leho-data kan gebruiken

Meer weten?

Bekijk ook de blogpost rond het cijferboek. Via het cijferboek kan je ook studenten opvolgen en gericht aanschrijven. Meer informatie via deze blogpost.

Referenties

Simpson, O. (2013). Student retention in distance education: Are we failing our students? Open Learning: The Journal of Open, Distance and e-learning, 28(2), 105-119.

Canvas instructor Guide – Table of Contents | Canvas LMS Community (z.d.). Geraadpleegd 13 januari 2020, van https://community.canvaslms.com/docs/DOC-10460-canvas-instructor-guide-table-of-contents#jive_content_id_New_Analytics

Gepersonaliseerd studiemateriaal via uitgeverijen

Wat is het?

Veel uitgeverijen springen op de digitale kar en bieden meer en meer studiemateriaal  gepersonaliseerd aan. Docenten kunnen contact opnemen met de uitgeverij om een zelf samengesteld boek te maken. Dit boek kan bestaan uit hoofdstukken geplukt uit verschillende handboeken uit het gamma van de uitgeverijen, aangevuld met eigen notities, powerpointslides, oefeningen…

Waarom belangrijk?

Op deze manier creëer je leermateriaal dat volledig past bij jouw lessen en studenten. Omdat je studenten niet langer meerdere volledige handboeken moeten aankopen, druk je de prijs ook grondig. Bovendien ben je volledig gerust over het voldoen aan de auteursrechten.

Hoe doen?

Bekijk het aanbod van de verschillende uitgeverijen:

Acco biedt bovendien het platform Sofia aan dat geïntegreerd is in Canvas. Sofia is bedoeld voor blended leren en daar kunnen de studenten oefeningen maken, testen doen,…

Bronnen

Acco (z.j.). Maak kennis met Select & Learn. Acco maakt kennis met u. https://blog.acco.be/select-and-learn/

Acco (z.j.). Online leerplatform – Sofie. Acco uitgeverij. https://www.accouitgeverij.nl/online-leerplatform

LannooCampus (z.j.). Combineer het beste van twee werelden: offline én online leren. eCAMPUSLEARN. https://www.ecampuslearn.com/

De Boeck/VAN IN (z.j.). De juiste ingrediënten voor uw les. Blend. https://blend.deboeck.be/nl

Pearson (2020). Uw cursus verdient lesmateriaal op maat! https://www.pearson.com/nl/nl_NL/hoger-onderwijs/maatwerk.html

(Blogpost aangeleverd door Liesbeth Van Steenbrugghe, Bibliotheken Howest Kortrijk)

Auteursrecht: Wat zijn mijn rechten als docent? En hoe bescherm ik andermans rechten?

by elke.ruys@howest.be

Wat is het?

Hoe zorg je ervoor dat je bij het verzamelen van je lesmateriaal voldoende andermans auteursrechten respecteert? En welke rechten heb je zelf als je een handleiding schrijft voor de les? Is je werk beschermd?
Tijdens de interne studiedag van 7 januari 2020 gaf prof. Em. Leo Neels hierover een boeiende infosessie. Als jurist en professor emeritus in Media- en communicatierecht deelde hij zijn kennis met ons.

Waarom belangrijk?

Auteursrecht is alom aanwezig. Prof. Em. Leo Neels (2019) legt het als volgt uit: “Ga ervan uit dat teksten of illustraties maar zelden rechtenvrij zijn. De bewijslast van rechtmatig gebruik rust enkel en alleen bij uzelf. Wees dus voorzichtig wanneer u met andermans teksten en afbeelden aan de slag gaat” (p. 1). Maar ook “Ook uw tekst, uw ordening van leerstof, uw geheel van oefeningen en toelichtingen, kan automatisch rechtsbescherming krijgen. Anderen mogen er dan niets mee doen zonder uw toestemming” (p. 2).

Hoe doen?

Via deze link vinden jullie de handleiding van Prof. Em. Leo Neels. Bij verdere vragen kunnen jullie terecht bij de bibliotheken.

Bron

Neels, L. (2019). Ben ik een auteur? Wat zijn dan mijn rechten? [handleiding]. De Boeck/Van in.

(Blogpost aangeleverd door Liesbeth Van Steenbrugghe, Bibliotheken Howest Kortrijk)